economie

08 jan 2002, 00:12

Kamer van Koophandel: ‘Hoge verwachtingen over 2001 niet uitgekomen’

De hooggespannen verwachtingen voor 2001 zijn niet uitgekomen. Dat blijkt uit de Enquête Regionale Bedrijfsontwikkeling van de Kamers van Koophandel. Zij baseren zich op de antwoorden van ruim 47.000 bedrijven, waarvan 1.250 uit de provincie Groningen

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

De provincie Groningen sluit zich aan bij het landelijke beeld. Na vier jaren met groeicijfers tussen 2 en 3% is er in 2001 sprake van economische krimp. De omzetstijging wordt volledig opgeslokt door de prijsinvloeden. Reëel - in hoeveelheden afgezette producten en verleende diensten - loopt de omzet met bijna 1% terug. Een verschil is wel, dat de export in Groningen nog net aan de positieve kant van de score blijft. Ook de ontwikkeling van de werkgelegenheid is nog positief.
Alle sectoren hebben in 2001 te maken met een lager groeitempo dan in voorgaande jaren. Alleen in de dienstverlening blijft het groeicijfer na uitschakeling van de prijsinvloeden positief. Deze sector laat in Groningen een gunstiger beeld zien dan landelijk, met name dankzij de zakelijke diensten, het vervoer en de overige diensten. De industrie, in 2000 koploper, valt sterk terug. Vooral de metaalindustrie en de chemie moeten terrein prijsgeven. De voedings- en genotmiddelenindustrie vormt een positieve uitzondering. De oorzaak van de negatieve groeicijfers voor het Groninger bedrijfsleven ligt op de binnenlandse markt. De afzet daalt daar met 1,7%, binnen de industrie zelfs met 4,5%. De export biedt hiervoor onvoldoende compensatie.
EXPORT
De industrie drukt in Groningen een zwaar stempel (circa 90%) op de export. In vergelijking met het Nederlandse gemiddelde doet de industrie in Groningen het goed op buitenlandse markten. Er is nog sprake van enige reële groei. Wel valt de omvang daarvan beduidend lager uit dan in 2000. In dat jaar steeg de export reëel met ruim 9%, in 2001 met 2,5%. In de groothandel en de dienstverlening (voornamelijk transport) stabiliseert de export zich op het niveau van 2000.
WERKGELEGENHEID
In weerwil van de stagnerende afzetten is de werkgelegenheid in 2001 verder toegenomen. Hierbij past een kanttekening. De ontwikkeling van het personeelsbestand wordt niet gemeten per kalenderjaar, zoals de omzet en de export, maar heeft als peildatum 1 september. In de uitkomsten is daardoor het vierde kwartaal van 2000 wél, maar dat van 2001 níet meegenomen. Zonder twijfel heeft dit de uitkomsten positief beïnvloed. Tussen de genoemde peildata steeg het aantal fulltime werkzame personen in het zittende bedrijfsleven in Groningen met 2,4%. De industrie is de enige sector met een afname van de werkgelegenheid (-1,3%). Opvallend is de sterke toename van het aantal banen in de dienstverlening (+5,9%) en de groothandel (+5,4%). Deze sectoren overtroffen zelfs de uitkomsten van het voorgaande jaar. De extra werkgelegenheid heeft Groningen opnieuw vooral te danken aan het midden- en kleinbedrijf.
NETTO-RESULTAAT EN, RENDEMENT
De bedrijven met een beter resultaat hebben de overhand. De waardering van het resultaat laat echter geen verbetering zien. Evenals in 2000 geeft 69 à 70% van de ondernemers een positief oordeel over het behaalde rendement. Ook landelijk staan de rendementen onder druk.
INVESTERINGEN
Volgens de ERBO-uitkomsten investeert dit jaar ruim 61% van de bedrijven in de provincie Groningen. Dat percentage blijft iets achter bij de uitkomst van 2000, en ook bij het landelijke gemiddelde. Van de bedrijven die in (een van) beide jaren hebben geïnvesteerd, trekken er in 2001 ongeveer evenveel meer als minder geld voor uit dan in 2000. De investeringsanimo is het grootst in de industrie en de bouwnijverheid.
VERWACHTING 2002
Afgaande op de verwachtingen voor 2002 is er toch reden voor enig optimisme. Ten aanzien van de ontwikkeling van de export en de werkgelegenheid zijn de ondernemers iets terughoudender in hun voorspellingen dan een jaar geleden, maar ze zijn niet uitgesproken negatief. Één op de drie ondernemers verwacht een stijging van de omzet. Dat zijn er ruim vier keer zoveel als met een negatieve omzetverwachting.