Dit artikel zet op een rij wat de regels precies zeggen, wat een bekeuring kost en waarom fietsverlichting in de praktijk zo vaak ontbreekt. Ook lees je wat werkgevers, verenigingen en scholen kunnen doen, want juist zij bereiken de groep die het vaakst zonder licht rijdt. Uitgedeelde Fietslampjes met logo blijken daarbij verrassend effectief, en verderop lees je waarom.
Wat je hieronder vindt:
- Hoe groot het fietsgebruik in de gemeente Groningen is
- Wat de wet van je verlichting eist, en wat wel en niet mag
- Wat fietsen zonder licht kost in 2026
- Waarom lampjes zo vaak leeg, kwijt of gestolen zijn
- Wat organisaties concreet kunnen doen om zichtbaarheid te vergroten
Nergens wordt zoveel gefietst als hier
Volgens de gemeente Groningen gebeurt ongeveer zestig procent van alle verkeersbewegingen in de gemeente op de fiets. Dat is een aandeel waar de rest van de wereld met open mond naar kijkt. In de Fietsstrategie 2025 tot 2035 schrijft de gemeente dan ook dat de stad zonder de fiets simpelweg zou vastlopen.
Tegelijk verandert het fietsen zelf. Er rijden meer e-bikes, speedpedelecs en fatbikes rond, de snelheidsverschillen op het fietspad worden groter en het is er drukker dan ooit. Hoe sneller en drukker het wordt, hoe belangrijker het is dat andere weggebruikers je op tijd zien aankomen. Dat gaat niet alleen om de donkere maanden: ook bij mist, stevige regen of vroege schemer in het najaar valt het zicht ineens flink tegen.
Wie het lokale nieuws volgt, ziet dat het onderwerp voortdurend terugkomt op regionale nieuwssites: nieuwe doorfietsroutes, extra stallingen, discussies over fietsparkeren in de binnenstad. Aan aandacht voor de fiets ligt het in Groningen dus niet. Aan zichtbaarheid in het donker soms wel.
Wat de wet precies van je vraagt
De regels staan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, kortweg het RVV. Artikel 35 en 35a beschrijven wat je moet voeren en waaraan die verlichting moet voldoen. Het komt neer op een paar heldere punten.
Wit of geel voor, rood achter
Bij nacht, en overdag wanneer het zicht ernstig wordt belemmerd, moet je aan de voorkant wit of geel licht voeren en aan de achterkant rood. Die kleurafspraak is niet willekeurig. Aan de kleur zien anderen meteen of je hen tegemoetkomt of dat je van hen wegrijdt, en dat scheelt kostbare seconden bij het inschatten van snelheid en afstand.
Op je jas of tas mag ook
Losse lampjes zijn toegestaan. Je mag het voorlicht op je borst dragen en het achterlicht op je rug, bijvoorbeeld op je jas of aan je rugzak. Voorwaarde is wel dat het licht recht naar voren of naar achteren schijnt, dat het stevig vastzit en dat het voortdurend zichtbaar blijft voor wie je tegemoetkomt of achter je rijdt. Een lampje dat half onder je capuchon verdwijnt of alle kanten op zwiept, voldoet daar niet aan.
Knipperen mag niet
Dit verrast veel mensen: knipperende verlichting is niet toegestaan. Het idee erachter is dat andere weggebruikers bij een knipperend licht je snelheid en positie slechter kunnen inschatten. Verblinden mag natuurlijk ook niet. En let op het onderscheid tussen verlichting en reflectie: reflectoren in je wielen, op je trappers en achterop je fiets zijn verplicht, maar ze vervangen je lampjes niet. Ze werken alleen als er licht op valt.
Wat het kost als je zonder licht rijdt
De boetebedragen voor fietsers zijn per 1 januari 2026 opnieuw aangepast. Hieronder de bedragen die voor zichtbaarheid het meest relevant zijn.
| Overtreding | Boete in 2026 |
| Geen of ondeugdelijke fietsverlichting | 75 euro |
| Geen of ondeugdelijke reflectoren | 45 euro |
| Fietsen met je telefoon in de hand | 170 euro |
Bij elk bedrag komen nog negen euro administratiekosten. Voor fietsers onder de zestien wordt de boete gehalveerd en betalen de ouders. Twee keer in een winter zonder licht gepakt worden kost je dus al bijna honderdzeventig euro, en dat is voor de meeste studenten flink meer dan een setje degelijke lampjes.
Belangrijker dan het bedrag is trouwens het risico. Een bekeuring is vervelend, maar een aanrijding op een donkere fietsstraat is dat veel meer.
Waarom die lampjes zo vaak ontbreken
Vrijwel niemand fietst bewust zonder licht. In de praktijk gaat het bijna altijd om dezelfde vier oorzaken. De batterij is leeg en je merkt het pas als je al onderweg bent. Het lampje is van je stuur getrokken terwijl je fiets bij het Stadsbalkon stond. Het klemmetje is gebroken na een halfjaar in weer en wind. Of je hebt het setje na het uitzetten in je jaszak gestopt en die jas hangt nu thuis.
Wat al die oorzaken gemeen hebben: het gaat om een klein voorwerp dat je continu bij je moet houden. De oplossing zit dus niet in strenger waarschuwen, maar in zorgen dat mensen er meteen een nieuwe hebben wanneer het misgaat. Wie een reservesetje in zijn tas heeft liggen, staat nooit in het donker zonder licht.
Wat organisaties in de stad kunnen doen
Hier ligt een rol voor iedereen die een grote groep fietsers bereikt: werkgevers met veel fietsende medewerkers, onderwijsinstellingen, sportverenigingen, studieverenigingen en gemeentelijke campagnes. Zij kunnen precies datgene wegnemen wat het probleem in stand houdt, namelijk de drempel om op tijd een nieuw setje te regelen.
Het middel dat daarbij het vaakst wordt ingezet is even simpel als effectief: bedrukte fietslampjes die je uitdeelt tijdens een introductieweek, een open dag of de eerste donkere weken van het najaar. Het is een weggevertje dat mensen echt gebruiken, want in tegenstelling tot de zoveelste pen belandt een fietslampje in Groningen binnen een dag op een stuur. En elk uitgedeeld setje is letterlijk een fietser die zichtbaar is.
Wil je zoiets goed doen, let dan op een paar dingen. Kies een set met wit licht voor en rood achter, zodat het meteen aan de eisen voldoet. Kies een bevestiging die tegen dagelijks gebruik kan, want een gebroken klemmetje betekent alsnog een donkere fiets. Kies bij voorkeur een oplaadbare variant, dat scheelt losse batterijen en past beter bij duurzaamheidsdoelen. En deel ze uit op het moment dat het onderwerp leeft, dus in de weken dat het ’s ochtends weer donker is als mensen vertrekken.
Zo houd je je verlichting het hele jaar werkend
Voor jezelf is het net zo simpel. Laad je lampjes op een vast moment op, bijvoorbeeld elke zondagavond samen met je telefoon en je koptelefoon. Bewaar een reservesetje in het vak van je tas dat je nooit opruimt. Controleer aan het begin van het najaar of het klemmetje nog stevig zit en of de lens niet dof is geworden. Haal je lampjes eraf als je fiets lang buiten staat, want dat scheelt diefstal. En kijk af en toe of je achterlicht nog echt brandt, want dat is nou juist het licht dat je zelf nooit ziet.
Kleine moeite, groot verschil
Groningen investeert al decennia in fietspaden, doorfietsroutes en stallingen, en dat is te merken. Maar het beste fietsnetwerk van het land helpt niet als de fietser zelf onzichtbaar is. Verlichting is het goedkoopste stukje verkeersveiligheid dat er bestaat: een paar tientjes, of nul euro als iemand het je in de hand drukt.
Dus check vanavond even je achterlicht. En als je een organisatie runt die honderden fietsende mensen bereikt: dat setje lampjes is waarschijnlijk het nuttigste dat je dit najaar kunt weggeven.




