“In de stad is veel gezonde concurrentie”, vertelt Akkermans zegt hij in de meest recente Cityscoop, het magazine van de Groningen City Club. “Horecaondernemers houden elkaar scherp. Samen brengen we het aanbod naar een hoger plan en dat is goed voor de stad.” Akkermans is voorzitter van de Groningse afdeling van Koninklijke Horeca Nederland, de branchevereniging voor horecaondernemers. Kroegbazen, restaurant- of café-eigenaren, hoteliers: allemaal kunnen ze bij de organisatie aankloppen voor ondersteuning en advies, bijvoorbeeld op juridisch of financieel gebied, of op het gebied van CAO-vraagstukken. Ook kunnen ze inkoopvoordeel krijgen.
De Groningse tak vertegenwoordigt ruim 600 bedrijven in de provincie, waarvan een behoorlijk deel in de gemeente Groningen. Akkermans is voorzitter van deze regionale afdeling, en kan uit eigen ervaring meepraten over de horeca. Hij is namelijk ook (mede-)eigenaar van hotels Halbert en Corps de Garde, van restaurant Blumé en Souterrain 1634.
“We hebben in het horecavak te maken met een veranderend tijdperk”, zegt Akkermans. “Digitalisering speelt een rol. Sociale media en reviews zijn steeds prominenter. Met één druk op de knop laten staat een ervaring online. Maar de grootste uitdaging zijn de steeds toenemende kosten. Het leven is duurder geworden. Dat geldt voor de gasten, maar ook voor de ondernemer. De energielasten zijn hoog, net als de personeelskosten, huur, en inkoop.”
Ook wijst hij op de hogere tarieven op hotelovernachtingen: per 1 januari 2026 ging de btw van 9 naar 21 procent. “Wij merkten in januari en februari al dat er minder gasten kwamen dan vorig jaar.” Hoewel er meerdere factoren kunnen meespelen, zoals slecht weer in de eerste maanden van het jaar, ‘helpt het niet mee’, denkt Akkermans. “En ook op de rest van de keten heeft dit veel impact. Want minder gasten in hotels betekent ook minder gasten in de andere horeca.”
“We hebben eenzelfde belang: een bruisende binnenstad”
Maar hij benadrukt de weerbaarheid van de Groningse horecamensen. “We zijn positief ingesteld, we vinden altijd wel een weg.” Hij is blij met de contacten tussen KHN en ondernemersverenigingen, waaronder de GCC. “We hebben namelijk hetzelfde belang: een mooie bruisende binnenstad. En hoe beter we dat voor elkaar krijgen, hoe beter het is voor onze gasten. En ik denk dat het zich dan ook als een olievlek naar de rest van de provincie verspreidt.”
En ook over de stad op zich is hij te spreken. “Groningen is een mooie, behapbare stad, met een goede mix van historische panden en nieuwbouw, en veel afwisseling tussen horeca en retail. Daarin onderscheidt Groningen zich.”




