nieuws

03 nov 2010, 12:12

Rehwinkel moest Rutte als vrijgezel bekritiseren

Prominent PvdA-lid en burgemeester van Groningen Peter Rehwinkel werd door partijgenoten in de verkiezingscampagne gemaand om VVD-leider Mark Rutte te bekritiseren om het feit dat hij ongehuwd is. Rehwinkel zegt dat woensdag in een interview in Elsevier.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

,,Tijdens de laatste verkiezingscampagne is mij in partijkringen letterlijk gezegd dat ik veel kritischer moest zijn over het feit dat we een ongetrouwde premier zouden krijgen'', zegt Rehwinkel in het weekblad. Hij negeerde de oproep. ,,Zo armoedig wil ik mij niet verliezen in de politiek. Getrouwd of niet: hoezo issue?''

De woordvoerder van PvdA-voorzitter Lilianne Ploumen zei in een reactie: ,,Het zou schandalig zijn als het waar zou zijn. Als iemand dit gesuggereerd heeft, kan hij een stevig gesprek met de partijvoorzitter verwachten. Hier is niemand bekend met iemand die zoiets ooit gesuggereerd zou hebben.''

In Elsevier zegt Rehwinkel verder zich juist voor te kunnen stellen dat veel Nederlanders trots zijn op VVD-premier Mark Rutte. ,,Vooral op zijn eloquentie en zijn dossierkennis.'' Het huidige kabinet van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV noemt hij ,,niet de meest onredelijke vertaling van de verkiezingsuitslag. Daarom zeg ik: laat het maar gebeuren.''


Rehwinkel, als Tweede Kamerlid woordvoerder staatsrecht en Koninklijk Huis, vindt het jammer dat de PvdA zich niet laat zien in het huidige, steeds fellere debat over het Koninklijk Huis. ,,Er is geen ontkomen aan het principiële debat. Ik vind het zeer teleurstellend dat mijn partij momenteel op de vlucht is voor zo’n debat. Ik hoor zelfs: ach, we zien het wel bij de troonsopvolging. Ongepaster kan nauwelijks. Op een moment van abdicatie voer je zo’n debat niet.'


Rehwinkel stelt voorts dat het staatsrecht veronachtzaamd wordt in de politiek: ,,Het politieke handelen wordt niet meer gestructureerd op geschreven wetten en ongeschreven regels. Ik noem het verloedering. Het is zo erg dat ik wel eens een negatief advies geef als iemand mij vraagt of het Kamerlidmaatschap nog iets is om na te streven.''