nieuws

19 jul 2011, 09:09

Steeds meer orgaandonoren in Groningen

Er melden zich meer orgaandonoren bij het UMCG. Deze zijn afkomstig uit Groningen en de andere Noordelijke provincies. Een nieuwe werkwijze werpt zijn vruchten af.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

Met 29 orgaandonatieprocedures in de eerste helft van 2011 zijn in de regio Noord-Nederland nu al net zo veel donatieprocedures uitgevoerd als in heel 2010. Ook het percentage toestemmingen voor donatie door nabestaanden waarbij de donor niet geregistreerd stond in het donorregister, is in de eerste maanden van 2011 gestegen naar 62%, vergeleken met 34% in dezelfde periode in 2010.

Dit blijkt uit een pilot met een nieuwe werkwijze door ziekenhuizen in de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en een deel van Gelderland onder leiding van het UMCG. De nieuwe aanpak, gericht op donorherkenning, het verkrijgen van toestemming en behandeling van donoren, lijkt zijn vruchten af te werpen.

 

In de Orgaandonatie Regio Noord-Nederland is sinds medio 2009 de pilot van het Masterplan Orgaandonatie van het ministerie van VWS uitgevoerd. In de nieuwe structuur is er in vier kernziekenhuizen in de clusters Leeuwarden (Medisch Centrum Leeuwarden), Zwolle (Isala klinieken), Enschede (Medisch Spectrum Twente) en Groningen (UMCG) een nieuwe functie ingesteld, die van donatie-intensivist. Daarnaast zijn de donatiefunctionarissen omgeschoold tot donatiecoördinatoren, die een meer proactieve rol hebben gekregen in het opsporen van potentiële donoren en het signaleren, ondersteunen en evalueren van orgaandonatieprocedures, ook wanneer deze niet tot daadwerkelijke orgaantransplantaties hebben geleid.

 

In de nieuwe werkwijze staan transparantie en een eind maken aan de vrijblijvendheid centraal. Betrokken medewerkers bij orgaandonatie werden in de afgelopen periode direct aangesproken op hun handelen wanneer afgeweken werd van richtlijnen of het vermoeden bestond dat er niet optimaal gehandeld was. Indien nodig, werd vervolgens gelijk uitleg of onderwijs gegeven om herhaling te voorkomen. Bovendien werd op deze manier de gewenste handelswijze actief uitgedragen.

Deze directe aanpak lijkt zijn vruchten af te werpen. Waar in het begin van de pilot nog sprake was van een lichte teruggang - mede als gevolg van het aanleren van en het wennen aan de nieuwe werkwijze - tonen de cijfers van het laatste half jaar een spectaculaire stijging in het aantal donoren en het aantal toestemmingen van nabestaanden.