nieuws

22 nov 2000, 00:12

RuG-psycholoog: ‘Gehandicapte ADHD-kinderen worden onderschat’

Het heeft geen enkele zin om overactieve kinderen met een licht verstandelijk gehandicapte handicap te blijven corrigeren en structureren zoals nu meestal wordt getracht. Dit stelt kinderpsycholoog drs. D.-J. van der Meer in het onderzoek waarmee hij volgende week aan de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) promoveert.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

Deze zogenaamde ADHD-kinderen kunnen hun impulsen eenvoudigweg niet onderdrukken, al doen ze nog zo hun best. Ouders en begeleiders zouden er beter aan doen te erkennen dat het een blijvende handicap is en ermee te leren leven.
In tegenstelling tot wat altijd is gedacht, blijkt de aandoening niet voort te kunnen komen uit de verstandelijke problemen die de kinderen hebben. Ook voor normaalbegaafde ADHD-kinderen geldt dat de impulsiviteit niet door corrigeren te onderdrukken is, stelt de promovendus.
,,ADHD-kinderen met een licht verstandelijke handicap blijken, in tegenstelling tot wat wordt gedacht, geen aandachtsstoornissen te hebben’’, aldus Van der Meer. ,,Ze scoren soms zelfs beter dan normaalbegaafde leeftijdgenoten.’’ De promovendus vond bovendien belangrijke aanwijzingen voor de oorzaak van de overactiviteit. ,,Het lijkt er op dat de aandoening zich bij kinderen met aanleg voor ADHD ontwikkelt of versterkt wanneer ze met stressvolle opvoedingssituaties worden geconfronteerd.’’ Dit kan uiteenlopen van bijvoorbeeld een te hoog schoolniveau tot daadwerkelijke mishandelingen van een kind.
Van der Meer tracht momenteel een Europees, multidisciplinair vervolgonderzoek te initiëren om een mogelijke medicamenteuze behandeling van gehandicapte overactieve kinderen te bestuderen. Wereldwijd vond de psycholoog niet meer dan drie artikelen over dit onderwerp; en dat terwijl het percentage ADHD-gevallen onder de niet normaalbegaafde jongeren veel hoger ligt. Van de reguliere kinderen heeft circa vijf procent last van ADHD, onder de verstandelijke gehandicapte groep schurkt dit percentage tegen de twintig aan. In Nederland komt dit neer op meer dan vijftigduizend gevallen.