nieuws

26 jan 2001, 00:12

"Ik vrees voor verzakkingen van het Vindicatgebouw"

Studentenvereniging Vindicat ziet de plannen van de gemeente om een parkeergarage onder de Grote Markt aan te leggen, niet zitten. Dat zegt Oscar Pfeiffer , rector van studentencorps Vindicat atque Polit. Als rector voelt de vierentwintig-jarige zich nauw betrokken bij de plannen voor de nieuwe noordzijde.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

Desondanks is het corps nooit door de gemeente met de plannen benaderd. Vreemd, vindt Pfeiffer. “Vanwege onze ligging hebben wij direct met de plannen te maken. Ik vind het een rare zaak dat de gemeente ons nooit betrokken heeft bij de plannen. Wij hebben nooit informatie gekregen over eventuele verzakkingen van ons pand bij de bouw van een parkeergarage. Terwijl ik me daar grote zorgen om maak. Bovendien zijn we nooit ingelicht over de duur van de bouwwerkzaamheden.”
Daarnaast vraagt Pfeiffer zich af of de stad Groningen wel behoefte heeft aan een parkeergarage. Zelf ziet hij er geen voordelen van. “De argumenten vóór de parkeergarage hebben mij niet kunnen overtuigen van de noodzaak ervan.”
Vindicat blijft aan oostzijde

Vindicat neemt sinds 1952 een prominente plaats in aan de oostzijde van de Grote markt. Nadat de Grote markt in de oorlog was verwoest door bombardementen, was de gemeente Groningen gedwongen de markt te herbouwen. Onder leiding van Grandpré Molière werd een plan voor de wederopbouw van de markt samengesteld.
In de plannen stond dat de nieuwe architectuur groots, monumentaal en grootstedelijk moest zijn. In 1952 werd de bouw van een ‘modern’ en groot pand aan de oostzijde van de markt afgerond. Nog hetzelfde jaar deed studentencorps Vindicat atque Polit haar intrede in het gebouw. Anno 2001 is de Groningse studentenvereniging helemaal ingeburgerd in het gezicht van de oostzijde. “En dat zal voor altijd zo blijven”, zegt de rector van Vindicat. Het miljoenenpand is namelijk geen gemeentelijk bezit, maar eigendom van de Groningse studentenvereniging zelf. En zij zijn niet van plan plaats te maken voor ambitieuze gemeentelijke plannen.
Ledenverlies

Als de plannen van de gemeente hun doorgang vinden, vreest Pfeiffer voor een terugloop van het aantal nieuwe leden. “Door onze ligging aan het plein trekken we altijd veel aandacht van aankomende eerstejaars. Als de markt in een bouwput verandert, betekent dat voor ons dat we geen wervingsevenementen meer kunnen houden op de markt. Ik vrees dat we dat zeker zullen merken aan het aantal nieuwe leden dat zich aanmeldt.”
De parkeergarage mag dan wel op protest rekenen, de plannen voor een nieuwe noordzijde zijn door Pfeiffer wel positief ontvangen. “Een verandering van de noordzijde resulteert ongetwijfeld in een verbetering.”
Oscar Pfeiffer betreurt de wijze waarop de discussie over de plannen wordt gevoerd. “Door de propagandavoering wordt de discussie vervuild. Hierdoor blijven de feitelijke vragen onbeantwoord. Zo word je gedwongen om een vage afweging te maken die niet gestoeld is op juiste argumenten.” Hij doelt hiermee op de heftige discussie tussen het Comité Geen Gat in de Grote Markt en de vier coalitiepartijen. Vorige week besloten de vier partijen, D66, CDA, VVD en PvdA, gezamenlijk campagne te voeren vóór een vernieuwde Grote Markt. Aanleiding van de samenwerking was de vaak onjuiste berichtgeving van het Comité Geen Gat in de Grote Markt, aldus de partijen. Als reactie hierop verweet het Comité de partijen dat zij met hun uitspraken de discussie vertroebelen.
Over twee jaar vertrekt Pfeiffer weer uit de stad. Hij heeft hier dan zes jaar gewoond. “Tijdens mijn laatste jaren in Groningen wil ik nog graag een mooi uitzicht hebben. Een bouwput op de Grote markt zou dat verpesten.”


Marieke Julia Bos
;