nieuws

05 sep 2013, 11:11

Groninger Bodem Beweging: vraagtekens bij registratie aardbevingen door KNMI

De Groninger Bodem Beweging heeft vraagtekens bij de manier waarop het KNMI aardbevingen registreert. Met name kleine bevingen met een omvang van 1 of 1,5 op de Schaal van Richter die overdag plaats vinden, worden door het KNMI nauwelijks gemeten omdat er dan teveel achtergrond ruis is, van bijvoorbeeld vrachtwagens.

 

’s Nachts worden die kleine bevingen wel geregistreerd, omdat het dan rustiger is. Daardoor lijkt het dus alsof er ’s nachts meer bevingen zijn dan overdag, maar dat komt puur door de beperkte meetcapaciteit van het KNMI. Dat stelt de Groninger Bodem Beweging (GBB).
Onlangs ‘bleek dat er in de nacht significant meer aardbevingen zijn dan overdag. Het betreft dan vooral aardbevingen met een magnitude kleiner dan 1.5.’


‘ We hebben deze conclusie direct voorgelegd aan het KNMI die daarop antwoordde dat de oorzaak hiervan gezocht moet worden in een beperkte detectie capaciteit gedurende de dag. Overdag is er namelijk meer achtergrondruis (zoals vrachtwagens e.d.) dan in de nacht. Als we aannemen dat er in werkelijkheid geen verschil mag zitten tussen het aantal bevingen overdag en in de nacht kunnen we hieruit concluderen dat het werkelijk aantal bevingen beduidend hoger ligt dan het KNMI tot nu toe heeft laten optekenen. Oftewel de nauwkeurigheid van registratie laat nog steeds te wensen over.’’


Wellicht kan op basis van deze conclusie het aantal meetpunten door het KNMI worden uitgebreid, aldus de Groninger Bodembeweging. Een goede registratie van bevingen, klein of groot, biedt namelijk waardevolle gegevens voor nader onderzoek naar het voorkomen ervan.

 


De GBB heeft bij het KNMI een vraag uitstaan voor het verkrijgen van de ruwe meetgegevens van alle gasbevingen. Met deze data kan de GBB zelf ook nader onderzoek verrichten naar de processen die zich afspelen drie kilometer diepte.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

;