nieuws

15 mrt 2001, 00:12

biologisch slager Flip van 't Riet: ''Als zakenman ben ik een prutser''

Toen hij vijfentwintig was verhuisde Flip van ’t Riet (40) van Noord-Holland naar Groningen. Hij had een duidelijk ideaal voor ogen: een eigen slagerij voor biologisch vlees. Inmiddels is hij al vijftien jaar eigenaar van biologische slagerij ‘De Groene Weg’ aan het Boterdiep. Sinds november 2000 heerst er topdrukte bij de slager. “We werken hier kei- en keihard,” vertelt Van ’t Riet.
Toen hij vijfentwintig was verhuisde Flip van ’t Riet (40) van Noord-Holland naar Groningen. Hij had een duidelijk ideaal voor ogen: een eigen slagerij voor biologisch vlees. Inmiddels is hij al vijftien jaar eigenaar van biologische slagerij ‘De Groene Weg’ aan het Boterdiep. Sinds november 2000 heerst er topdrukte bij de slager. “We werken hier kei- en keihard,” vertelt Van ’t Riet.

Dit katern wordt mede mogelijk gemaakt door:

Eigenlijk was hij van plan het rustiger aan te doen: tweeënhalve dag werken, en meer thuis zijn. De BSE-crisis gooide roet in het eten. Sinds eind vorig jaar is de slager weer zes dagen per week aan het werk. Hij maakt lange dagen: tien of elf uur per dag is geen uitzondering. Het valt hem zwaar. “Een drukke week kan je nog wel opvangen, maar dit? Harder werken is de enige oplossing.”
De drukte begon nadat de eerste gevallen van BSE waren ontdekt. In nog geen jaar tijd steeg het aantal klanten van twaalfhonderd naar zestienhonderd per week. “Op een gegeven moment was het zo verschrikkelijk druk in de zaak,” vertelt Van ’t Riet “dat we moesten overwegen een nummertjesapparaat neer te zetten.”
BSE-besmet vlees

Het wordt niet alleen steeds drukker bij de slager, de klanten kopen ook veel meer in één keer. Van ’t Riet stond wel eens met zijn oren te klapperen: “Dan hoorde ik het personeel achter elkaar hoge bedragen noemen, waarbij bedragen van twee- tot driehonderd gulden geen uitzondering zijn.” Met name klanten van buiten de stad kopen grote hoeveelheden vlees tegelijk. “Dat zijn dan mensen uit Emmen of Assen, die slaan voor wéken vlees in.” Toch is het vlees van een biologische slager niet veel duurder, vindt van ’t Riet. Op kip na, betaal je volgens hem, hooguit een paar gulden meer voor het als ‘veilig’ beschouwde vlees.
Dat het wat meer kost, vinden de meest mensen niet zo erg, weet de slager. Hij denkt dat veel mensen de onzekerheden en gevaren omtrent vlees zat zijn en daarom wel bereid zijn iets meer te betalen. Want één ding is zeker: de consument is ongerust. Van ’t Riet merkt dat ook aan zijn klanten. “Hoe vaak mij wel niet gevraagd wordt of mijn vlees wel veilig is.” Honderd procent garantie kan de slager niet geven, legt hij uit, maar de kans is zeer klein dat het vlees dat hij verkoopt met BSE besmet is. “De leveranciers van wie ik mijn vlees koop hebben allemaal het SKAL-keurmerk,” legt hij uit. Dit betekent dat in het voer voor de koeien geen dierenmeel verwerkt is. Juist dit meel is de veroorzaker van BSE.
McDonalds

Van ’t Riet vertelt: “Ik ben wel eens gebeld door een vrouw die vroeg of zij nu ook biologisch vlees moest gaan kopen. Dan zeg ik ook: mevrouw als u uw hele leven al hamburgers van McDonalds heeft gegeten, maakt het niet meer uit, u had er eerder bij moeten zijn.” Volgens de slager is het meeste vlees wat in de schappen ligt veilig. Hij kan zich de verontruste reacties wel voorstellen, maar daarvoor is het volgens de slager eigenlijk te laat. “Een paar jaar geleden werd er nog niet zo intensief gekeurd als nu, de kans dat er toen besmet vlees in de schappen lag is veel groter.’
Hij geeft als voorbeeld de Britse minister die een aantal jaren geleden voor de camera’s zijn kind een hamburger liet eten om de consument gerust te stellen. “De gevaren rond het eten van rundvlees zijn, vooral in Engeland, jarenlang ontkend. Pas als er wordt toegegeven ontstaat er paniek.” Volgens de slager blijkt dan pas dat de consument die altijd al biologisch vlees heeft gegeten gelijk krijgt. “Dat doet me echt goed. Mensen die na de bekendheid over BSE en alle andere veeziekten pas overstag gaan vind ik hypocriet.”
Van ’t Riet eet zelf nóóit gewoon vlees, de gevaren zijn hem te groot. Over BSE maakt hij zich niet veel zorgen, over andere dingen des te meer, de hoeveelheid antibiotica in veevoer bijvoorbeeld. “In het voer van varkens worden zoveel medicijnen gegooid en die krijgen de mensen uiteindelijk allemaal binnen.” Volgens de slager zijn die hoeveelheden zo groot, dat de consument uiteindelijk immuun wordt voor antibiotica. “Ik zweer het je," zegt hij, "over vijf jaar krijgen we daar problemen mee.”
Lege schappen

Maar op dit moment heeft de biologische slager andere dingen aan zijn hoofd: lege schappen. De schaarste van varkensvlees wordt wegens het vervoersverbod door mond- en klauwzeer steeds groter. Voor het weekend had Van ’t Riet nog 350 kilo vlees besteld. “Ik heb maar een restje van 150 kilo binnengekregen en dat is er binnen een paar dagen doorheen.” De slager zegt dan ook niet uit te kunnen sluiten dat hij op korte termijn met lege schappen komt te zitten. Het tekort aan varkensvlees heeft ook op invloed op de prijs. “Een paar maanden geleden betaalde ik nog fl.5.60 voor een kilo varkensvlees, inmiddels is dat bedrag opgelopen tot fl. 7.55.”
De slager geeft toe dat hem wel eens voordeliger vlees is aangeboden. Dit vlees was een gulden per kilo goedkoper, maar kon de aandacht van Van ’t Riet niet trekken. “Dan heb ik zoiets van: laat maar, het is wel goed zo. Ik weet het, ik ben een prutser als zakenman, maar het kan me allemaal niet deren.” Trekken aan de prijzen doet de ‘zakenman’ dan ook nooit. “Ik ben tevreden zo,” zegt hij, “zolang ik met een goed gevoel op mijn fiets stap, speelt geld geen rol.” Toch is het over tien jaar wel ‘mooi geweest’ voor de slager. Dan stopt hij ermee om zijn tijd te wijden aan andere leuke dingen in het leven.

Marieke Julia Bos
;