Het nieuwe, linkse college van B en W van Groningen heeft de witte broodsweken ruimschoots achter de rug. De PvdA, SP- en GroenLinks wethouders hebben hun draai gevonden, en hebben – naar eigen zeggen- Groningen inmiddels al een stuk socialer gemaakt. Wat velen vreesden is niet uitgekomen: er is geen sprake van een terugkeer naar de jaren zeventig, toen een links college in Groningen duidelijk maar een deel van de bevolking wilde vertegenwoordigen en er polarisatie ontstond. Maar wat wel opmerkelijk is, is dat de oppositie in Groningen zo weinig van zich laat horen.
Hans de Preter
Het nieuwe college van B en W heeft geen revolutie veroorzaakt, en bijvoorbeeld niet in enkele weken tijd, en zonder overleg met ondernemers, een verkeers circulatie plan ingevoerd. Integendeel: het door het vorige college met daarin nog CDA en VVD gevoerde (PvdA-) beleid wordt in grote lijnen voortgezet. Zij het met accentverschillen.
Daardoor kunnen de wethouders rustig doorregeren. Maar wat dus opvallend is, is dat VVD en CDA het allemaal rustig lijken aan te zien. Er zijn namelijk wel enkele incidenten geweest, waar – of je nu links bent of rechts- doodgewoon enkele dikke vraagtekens bij geplaatst hadden kunnen worden.
In de jaren zeventig werd het toenmalige college van B en W goed scherp gehouden door VVD oppositieleiders als Jan Kamminga en Johan Remkes, en ook door het CDA onder leiding van mr. Yspeert.
Maar alle dualisme ten spijt: de huidige wethouders komen er tot nu toe wel erg genadig vanaf. Zij willen vast ook wel scherp gehouden worden, maar kunnen nu gapend doorregeren.
Zo werd onlangs de westelijke ringweg geopend, in afwezigheid van GroenLinks wethouder Karin Dekker. Zij was die dag wel in Groningen, maar kon geen gelegenheid vinden om naar de heropening van die weg te gaan. En andere wethouders namen de honneurs voor de gemeente Groningen evenmin waar. Dit tot grote teleurstelling van de ondernemers. Eerder al, bij de Landenweek waar een grote delegatie uit China aanwezig was, op hoog niveau, lieten B en W ook al versterk gaan. Een andere kwestie die om meer duidelijkheid vraagt is het vertrek van de vroegere gemeentesecretaris. Waarom is zij vertrokken? Lagen daar behalve persoonlijke overwegingen ook organisatorische meningsverschillen aan ten grondslag?
Ook een links college – zeker met de PvdA er in –beseft hoe belangrijk het midden en klein bedrijf is voor de Groningse economie. Maar het college verzuimt om dat uit te dragen. Gelukkig toonde burgemeester Wallage eerder deze maand wel belangstelling voor de ICT bedrijvigheid, en ging hij zelf mee met een delegatie naar Oldenburg.
Misschien is het dus ook een misverstand, wanneer men in het Groningse bedrijfsleven denkt dat het linkse college te weinig oog heeft voor het bedrijfsleven. Maar het zou wel goed zijn geweest wanneer de oppositie die kwestie glashelder aan de orde had gesteld, zodat het college ook de gelegenheid had gehad een eventueel misverstand over ‘arrogantie van de macht’ uit de wereld te helpen.