Volgens een geheim, niet aan de pers vrijgegeven rapport van de Regiopolitie Groningen plegen asielzoekers in de provincie Groningen bijna vijf maal zoveel criminele delicten dan gemiddelde burgers. Het bestaan van het rapport werd woensdag naar buiten gebracht door het Nieuwsblad van het Noorden dat er op de een of andere manier de hand op heeft weten te leggen
Hans de Preter
Het meest schokkende van het rapport is dat volgens de Groningse politie justitie in Den Haag geen rekening houdt met de hogere criminaliteitscijfers onder hier verblijvende asielzoekers. De feiten worden althans niet verwerkt in de statistieken op basis waarvan het politiebeleid wordt vastgesteld. Dat betekent dat er geen extra manschappen worden vrijgemaakt om het probleem van de criminaliteit het hoofd te bieden.
Omdat de redactie van deze krant dit een belangwekkend rapport vond besloten wij het op te vragen bij de Groningse politie. Maar daar wil men het bestaan er van niet bevestigen. Maar ook niet ontkennen.
Dat betekent dat er sinds de publicatie van de conclusies van het geheime rapport de indruk blijft hangen dat de Groningse politie ernstiger ervaringen heeft met criminaliteit onder asielzoekers dan officieel naar buiten komt.
Het niet vermelden van die feiten is, naar de asielzoekers toe, op het eerste oog wellicht sympathiek. Politie en justitie willen niet meewerken aan stigmatisering van een groep die het toch al zeer moeilijk heeft en die op zoek is naar bescherming en veiligheid in Nederland.
Maar de vraag is of niet juist een averechts effect bereikt wordt wanneer kennelijk pijnlijke feiten buiten de openbaarheid worden gehouden. Want juist door pijnlijke en politiek gevoelige zaken niet bespreekbaar te maken, werkt justitie in Den Haag mee aan misverstanden rond asielzoekers.
De voorzichtigheid in het omgaan met heilige huisjes bleek al eerder toen het dagblad Trouw onlangs onthulde dat het ministerie van binnenlandse zaken de publicatie van een rapport over allochtone verdachten in Nederland in 1998 tegen hield. Volgens dat rapport van de dienst Nationale Recherche Informatie worden veel meer van Antillianen en Marokkanen en allochtonen van asielzoekersregio’s verdacht van een misdrijf dan autochtonen. Dat rapport mocht niet naar buiten uit angst voor stigmatisering.
Angst is vaak een hele slechte raadgever, en ook in dit geval. Juist door pijnlijke zaken niet aan de openbaarheid prijs te geven bevordert de overheid dat er tal van rare praatjes de ronde gaan doen. Dergelijke praatjes zijn koren op de molen van hen die vluchtelingen en asielzoekers buiten Nederland willen houden. Gelukkig wil de meerderheid van de Nederlanders mensen uit andere landen die in erbarmelijke omstandigheden verkeren of die vervolgd worden, zo veel als mogelijk helpen. Maar uiteraard zijn niet alle vluchtelingen heilig, en net als onder de Nederlanders zijn er ook onder de vluchtelingen mensen die de regels en wetten overtreden. Er is geen enkele reden om daar ingewikkeld over te doen, integendeel.
