Burgemeester Wallage is er ogenschijnlijk tamelijk eenvoudig in geslaagd om ‘zijn jongens en meisje’ op één lijn te krijgen. Want ondanks de politieke verschillen zijn de wethouders van PvdA, VVD, GroenLinks en CDA er in geslaagd om snel overeenstemming te bereiken over de vraag hoe het verder moet de komende jaren. Groningen kiest voor een offensief beleid, waarbij de stad stevig blijft investeren.
Hans de Preter
En dat is een uitstekende zaak. De economie van de stad Groningen is van ongekende betekenis voor de regionale economie; de overheid vervult in de Groningse economie een enorme rol. Wanneer nu de plaatselijke overheid zou kiezen voor een zeer zuinig boekhouders-beleid waarbij risico’s worden geschuwd, zou dat de economie alleen nog maar verder onderuit halen.
De nota: ‘Groningen, sterke stad, actieve Stadjers’ verdient daarom ook lof voor haar uitgangspunten en haar streven. Zwakheid van de nota is daarbij wel dat er niet in staat wat de keuzes voor de sleutelprojecten precies voor gevolgen heeft voor de andere voorzieningen in de stad. Er wordt wel aangegeven dat daar op bezuinigd zal worden, maar getallen staan er niet bij. Die volgen nog wel, onder meer in de begroting voor 2004 waarover al wel overeenstemming is bereikt maar die nog niet is gepresenteerd. Het is dus nu nog niet helemaal helder te overzien waar de strategische keuzes van B en W van Groningen precies toe leiden.
De keuze van de Grote Markt als sleutelproject is terecht. Want de oude Groningse markt fungeert ook als vliegwiel voor de Groningse economie. Maar het wordt nu langzamerhand echt hoog tijd dat de daad bij het woord wordt gevoegd. Wethouder Smink heeft er in het verleden alles aan gedaan om die markt op te knappen, maar na het verloren referendum en een ellenlange inspraakprocedure lijkt hij de moed te verliezen. En dat zou doodzonde zijn, omdat een ervaren bestuurder als Smink er wel in is geslaagd het Euroborg-project van de grond te tillen. Voor de Grote Markt is kostbare tijd verloren gegaan: twee jaar geleden waren bedrijven en Rijksoverheid aanzienlijk happiger om geld beschikbaar te stellen. Die gunstige tijd is nu voorbij. Wat voor de Grote Markt geldt, geldt ook voor de andere sleutelprojecten: goede keuzes, maar nu razendsnel aan de slag om ze van de grond te krijgen en geen tijd meer verliezen.