Het gaat niet goed met de college-onderhandelingen in Groningen. Weliswaar wekt informateur Willem Smink van de PvdA in Groningen de indruk dat de partijen PvdA, VVD en CDA vrolijk verder zullen praten met GroenLinks over de vorming van een nieuw college nu de SP is vertrokken, maar schijn bedriegt.
Hans de Preter
Want fractievoorzitter Karin Dekker van GroenLinks heeft te kennen eerst nog uitvoerig met de achterban te willen praten of het wel zin heeft om te praten over deelname aan een college met daarin ook de VVD.
Eerder al liet Karin Dekker weten geïrriteerd te zijn over het feit dat Koen Schuiling van de VVD had laten weten dat het prachtig zou zijn wanneer GroenLinks aanschuift bij het college, in plaats van D66. Maar dan zou GroenLinks wel dezelfde koers van het huidige college moeten onderschrijven.
Dat de college-onderhandelingen niet op rolletjes lopen blijkt ook uit het feit dat CDA lijsttrekker René Paas alle partijen heeft opgeroepen haast te maken. Kennelijk was er aanleiding voor die oproep.
Kennelijk zijn de lijsttrekkers in Groningen geen grote politieke vrienden. Nu hoeft dat ook niet: integendeel, alle partijen staan voor zeer verschillende visies en de lijsttrekkers knokken er voor om daar zoveel mogelijk van te realiseren.
Maar daarbij hoort ook dat men af en toe wat water in de wijn kan doen. Schuiling kan van Karin Dekker niet verlangen dat deelname van GroenLinks helemaal niets uitmaakt voor het beleid van het college. En hoewel Schuiling heeft aangegeven dat ook hij beseft dat de komst van GroenLinks gevolgen moet hebben, meent Dekker toch dat Schuiling geen enkele wijziging in de koers wil aanbrengen. Anderzijds kan Dekker ook niet van Schuiling verlangen dat hij het liberale gedachtengoed verloochent en opeens volledig afstand neemt van het gevoerde beleid.
De hamvraag is natuurlijk of twee partijen, die zo anders tegen de samenleving aankijken, eigenlijk wel met elkaar zouden moeten willen samenwerken. De les van paars is nu juist dat de kans groot is dat het dan één pot nat wordt en dat politieke verschillen te zeer worden verdoezeld.
Daar staat echter tegenover dat het ook niet goed is wanneer een belangrijke politieke stroming steeds buiten de boot valt. Daarom was het in het verleden niet goed dat de VVD zo lang lans de kant stond in Groningen. En zo is het nu niet goed wanneer GroenLinks opnieuw aan de kant blijft staan.
Maar dan moet GroenLinks ook bereid zijn om een inhoudelijke discussie aan te gaan over een collegeprogramma waarin een aantal van haar wensen kunnen worden verdisconteerd. Zo’n discussie is momenteel belangrijker dan te eisen dat GroenLinks twee wethouders krijgt. Twee wethouders voor GroenLinks lijkt ook op grond van de verkiezingsuitslag wat teveel van het goede.